- Een poging de complexe werkelijkheid van management, organisatie en (beroeps)onderwijs te duiden -

HOE?ZO!

22 feb. 2012

De competenties van de PvdA (1) ?!


In de vorige aflevering hadden we het over competenties en refereerde ik aan het werk van Hamel & Prahalad om de aandacht te vestigen op competenties die betrekking hebben op bedrijven en instellingen. In het beroepsonderwijs wordt veel gebruik gemaakt van het begrip competentie maar daarbij draait het altijd om de individuele student wiens competenties op een hoger niveau gebracht moeten worden. In de maand maart publiceert ondergetekende in het kwartaalblad “Onderwijsinnovatie” van de Open Universiteit een beknopt artikel  waarin het gedachtegoed van de competentiegerichte kwalificatiestructuur wordt losgelaten op de instellingen zelf in plaats van op de studenten. Een vraag die daarbij aan de orde kan komen is welke instellingscompetenties  een beroepsopleiding onder de knie zou moeten hebben om de beroepscompetenties van studenten adequaat te kunnen versterken. Of iets anders geformuleerd, welke instellingscompetenties heeft b.v. een ROC nodig om haar missie op een aanvaardbaar kwaliteitsniveau te kunnen realiseren.

Competenties

In het MBO wordt een lijst van 25 competenties gebruikt die zijn samen te vatten in de zg. acht “great competencies” van SHL. Deze blog moet een beetje lollig blijven dus ik ga hier het theoretisch fundament waarop dit gebaseerd is niet uitleggen. U kunt van mij aannemen dat dit serieuze stuff is, evidence based en niets op aan te merken. De slag die ik hier wil maken is dat ik een conceptueel bouwwerk dat normaal gesproken op microniveau wordt toegepast nu vertaal naar het mesoniveau. Ik geef toe dat ik hier geen wetenschappelijk onderzoek naar gedaan heb maar desondanks vind ik het een zeer vruchtbaar perspectief dat veel in de praktijk bruikbare inzichten kan genereren. In onderstaande tabel staan de 25 competenties zoals die in het MBO worden gebruikt. Daarnaast zijn de corresponderende acht SHL competenties weergegeven.




Normaal gesproken wordt in een zogeheten kwalificatiedossier vastgesteld welke kerntaken bij een bepaald beroep behoren. Vervolgens worden die kerntaken uitgesplitst in een aantal deeltaken (werkprocessen genoemd). Aan elk werkproces zijn een aantal competenties gekoppeld die blijkbaar beheerst worden als men het werkproces op het vereiste kwaliteitsniveau kan uitvoeren. Als u er meer van wilt weten is Google uw vriend. Een competentie is een psychologisch construct waarin de elementen kennis, vaardigheden en beroepshouding te herkennen zijn. Een competentie is verder net een molecuul, als u één van de samenstellende delen weglaat hebt u heel iets anders in handen. Competent zijn zonder voldoende kennis of vaardigheden is dus een onbestaanbaar iets.

Instellingscompetenties

Nu naar het niveau van een bedrijf of instelling, of wat mij betreft het niveau van een politieke partij of een voetbalclub, want dat zijn ook doelorganisaties. Kerntaken en werkprocessen, daar komt u met behulp van het genoemde artikel in “Onderwijsinnovatie” wel uit. Maar nu de instellingscompetenties. Om er een beetje gevoel bij te krijgen zullen we die vanwege de actualiteit behandelen aan de hand van de casus PvdA. Best wel een aantrekkelijk idee om een aantal competenties waarmee op een ander niveau naar het functioneren van MBO’ers wordt gekeken nu eens tegen het functioneren van de PvdA aan te leggen. Ik doe dat overigens op een wat schematische wijze door per instellingscompetentie een mogelijk knelpunt te benoemen. Ik claim geen volledigheid of validiteit, het gaat er in eerste instantie om wat gevoel te krijgen hoe je zo’n competentiebouwwerk nuttig kunt gebruiken als diagnose-instrument. Er zijn nog wel andere gebruiksmogelijkheden maar dat komt mogelijk een andere keer voor het voetlicht. In deze aflevering behandel ik vier organisatie- of instellingscompetenties.

De competenties van de PvdA

1.   Leiderschap taakgericht

Mogelijk knelpunt: verkeerde koers kiezen
Hier staan de kranten momenteel vol van dus dat behoeft nauwelijks toelichting. Vriend en vijand zijn er van overtuigd dat de koers van de PvdA voor verbetering vatbaar is. Welke de juiste koers zou moeten zijn laat ik graag aan het journaille en de partijstrategen over.

2.   Leiderschap mensgericht

Mogelijk knelpunt: de verkeerde bestuursstijl
Heel vroeger was de partij een regentenpartij, daarna kwam Nieuw Links en werd er passend in de geest der tijd driftig geradicaliseerd. De radicalen werden weer regenten die min of meer ontmaskerd werden door Pim Fortuyn. Je zou kunnen zeggen dat de leiding van het land er in het personeelstevredenheidsonderzoek nogal bekaaid af kwam. Er was geen vertrouwen meer in de politiek en de oude ideologieën waren niet meer bruikbaar. In dit klimaat deed Wilders goede zaken. Een politieke partij die succesvol wil zijn zal niet alleen op inhoud (zie vorige competentie) maar ook op gevoelsniveau de harten van de mensen moeten winnen. De grote fout die partijen maken is dat ze een marketingbenadering hanteren. Ze denken dus door een goede acteur als boegbeeld in te huren en deze de juiste teksten te laten uitspreken de kiezers over de kiesdrempel te halen. Authenticiteit is de sleutel dames en heren als ik u een gratis advies mag geven. Het landsbestuur is Albert Heijn niet !

3.   Communicatie- en samenwerkingsvermogen

Mogelijk knelpunt: ineffectieve communicatie
Zoals iedereen weet gaat het bij communicatie niet alleen om de inhoud  maar reageert men vooral op onderliggende en achterliggende verborgen boodschappen. Ik voorspel dat we straks het beeld krijgen van een aantal carrièremakers die elkaar bestrijden omdat er een interessante functie is vrijgekomen.
De casus Job Cohen is volkomen vergelijkbaar met de casus Mario Been. Er wordt te weinig gescoord, er ontstaat intern onrust die escaleert en trainer Cohen moet het veld ruimen. De kiezer voelt feilloos aan dat partijen ook banenmachines zijn en dat de kiezers het kapitaal van die firma’s vormen. Dat is geen cynisme maar realiteit en elke burgemeestersbenoeming van een grote stad bewijst dat. Geloofwaardigheid communiceren is in die omstandigheden a hell of a job. De acteur Job Cohen slaagde er dan ook niet in geloofwaardig te zijn omdat hij niet samenviel met zijn rol en zijn boodschap. Bij Roemers klopt dat wel.

4.   Analyse- en interpretatievermogen

Mogelijk knelpunt: een verkeerde diagnose stellen
Het lukt de heer Wilders blijkbaar om een gevoelige snaar bij de kiezer te raken. Zijn analyse- en interpretatievermogen is dus blijkbaar in orde. Een politicus moet de stemming in het land kunnen “lezen” en daarop passende antwoorden formuleren. Ik denk dat er meerdere passende antwoorden mogelijk zijn en dat het voor de PvdA heel goed mogelijk moet zijn een concurrerend antwoord te formuleren. Maar als je het volk wilt vertegenwoordigen moet je om te beginnen wel voeling hebben met de “werkvloer”. Dat moet dan vervolgens in combinatie gebracht worden met politiek-strategische inzichten op de belangrijkste resultaatgebieden van onze natie. De combinatie “streetwise” en “intellectueel” is een zeldzame.


In de volgende aflevering behandel ik de andere vier instellingscompetenties. Gelukkig heeft iedereen verstand van politiek en voetbal dus op die manier kun je ook een aardig gevoel ontwikkelen voor deze benadering die ik later op onderwijsorganisaties zal loslaten. Ja, op Ajax kan het ook maar daar heb ik voorlopig nog geen zin in.

Nog één punt het gaat altijd om balans, je hoeft niet op alle punten een 10 te scoren. Het gaat er om wat gezien een bepaalde situatie of context voor een bepaalde organisatie het meest gewenste profiel is. Vergelijking tussen “ist” en “soll” geeft aan waaraan gewerkt moet worden.


Link naar volgende aflevering.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten